Binnenstad Dordrecht Riedijk 5, begin 1942

Wasserijknecht smokkelt groenten voor joodse onderduikers. De bakfiets is een bekende verschijning in oude verzetsverhalen. Daar kunnen ze bij het Dordtse wasserijbedrijf De Volharding over meepraten. De bakfiets van het bedrijf krijgt een extra taak. Dat is het smokkelen van groenten voor het eigen gezin en twee joodse onderduiksters die boven het bedrijf schuilen. De beruchte Landwacht maakte deze ritjes levensgevaarlijk. Dit meldt een zoon van de smokkelende wasserijknecht, bij het insturen van een aansprekende foto uit de bezettingstijd.

Oproep
De inzender Jos Klaus, zoon van de in 2013 overleden bezorgknecht die op de foto staat, herinnert zich nog goed een markant verhaal uit het familieverleden. Enkele maanden na het fotomoment aan het begin van 1942 komt een indringend verzoek binnen bij het wasserijbedrijf van de familie Klaus op de Riedijk. Een oude bekende is van joodse afkomst en zoekt dringend een onderduikadres voor zichzelf en haar dochter. Het zijn de 57-jarige Esther Fonteijn en haar 28-jarige dochter Corine. Hendrika Klaus-Lambert, de 56-jarige oud-schoolgenote waarmee Esther Fonteijn in 1900 kennis maakte, overlegt met haar gezin. Dat bestaat uit haar man en oprichter van de wasserij L.J.N. Klaus, geboren in 1889, en vijf jongvolwassen kinderen. Uit plichtsbesef stemt het katholieke gezin toe, geholpen door een oproep van de kerk en regering in ballingschap. Ze bieden tegen onkostenvergoeding een leegstaande leefruimte aan boven het wasserijbedrijf. Bovenin het pand van het familiebedrijf schuilen sinds oktober 1942 de twee joodse onderduiksters. Op de benedenverdieping is het ondertussen de hele dag een komen en gaan van klanten die natuurlijk onwetend moeten blijven.

Schaarste
Met het verstrijken van de tijd groeien de problemen rond het onderduiken. Dat zijn als eerste de sterke stijgende prijzen van voedsel en brandstof. Ten tweede worden de veiligheidsmaatregelen tegen verraad steeds strenger. Daarna volgt een haast onuitputtelijke lijst van grote en kleine beslommeringen. Keer op keer bieden allerlei noodmaatregelen enige verlichting. En als het vanaf 1944 steeds moeilijker wordt om voor iedereen aan eten te komen, komt alweer een nieuwe list in beeld. Dat staat in de volgende alinea uitgelegd.

Langs de controles
De bakfiets die de hele week in de wijde omgeving rijdt voor het ophalen en brengen van wasgoed krijgt een nieuwe taak. De bezorgknecht is de in 1920 geboren Nicolaas Klaus. Deze service voor de klant voert hij al sinds zijn dertiende levensjaar uit. De routineklus verandert in een riskante onderneming. Onderin de wasmanden liggen nu op de terugweg de zo sterk verlangde groenten verstopt. Ze komen van behulpzame klanten uit het buitengebied rond Dordrecht. Elke rit staat onder spanning. De beruchte Landwacht heeft posities ingenomen bij alle veerboten naar het Eiland van Dordrecht. Bij deze Landwacht zaten schietgrage types, die al eerder slachtoffers in de regio hadden gemaakt. De gevreesde ontdekking en arrestatie blijven uit. Niet alleen vormden de executies ter plekke het directe levensgevaar. Destijds werden namelijk ook nogal eens gijzelaars gedood als vergeldingsmaatregel door de Duitsers, inclusief iedereen die dan net in het arrestantenverblijf aanwezig was.

Hoge leeftijd
Zowel de smokkel als de hulp bij het onderduiken blijven tot de bevrijding buiten het beeld van de meedogenloze bezetter. Alle negen personen die in deze penibele periode woonden en werkten in het pand op de Riedijk haalden daarna in gezondheid hun pensioenleeftijd. Vijf van hen passeerden zelfs royaal de grens van negentig jaar. Op 10 september 1945 nam een gemotoriseerd bestelbusje de taak over van de bakfiets, tot de sluiting van het bedrijf in 1956. Nicolaas Klaus woonde tot 1959 met zijn echtgenote boven de wasserij. Daarna verhuisden zij naar een buitenwijk, waar Jos Klaus is geboren in 1961.

Persoonlijke vertelling
Na de bevrijding op 5 mei 1945 onderhielden de families Fonteijn en Klaus nog lange tijd contact met brieven en wenskaarten. De jongste dochter Corine was in de verdere rest van haar leven afkerig van publiciteit over haar lotgevallen. Toch verscheen vier jaar na haar overlijden in 2013 haar dagboek uit deze periode in drukvorm, met de titel Een gekooid dier. Bij het NIOD ligt over deze periode een kort relaas dat in 1995 is geschreven door Cornelis Klaus, de jongste broer van Nicolaas. De werkgroep Stolpersteine Dordrecht heeft op zijn website een overzichtsartikel over de dames Fonteijn opgenomen. De bron van bovenstaand verhaal over de smokkeltochten komt uit persoonlijke vertellingen die Jos Klaus in zijn kinderjaren hoorde van zijn vader Nicolaas. Het hier boven beschreven verhaal over de geheime inzet van de bakfiets komt hiermee voor het eerst in de openbaarheid.

Familiealbum
De foto toont een jonge man bij een bakfiets die is beladen met manden. De opname uit 1942 is genomen door iemand uit de familiekring, vlak voor het pand van het familiebedrijf in de oude binnenstad van Dordrecht. De oprichter van de wasserij bewaarde deze en vele andere afgedrukte foto’s in een dik album. Na zijn overlijden in 1964 ging het album over op de oudste zoon Nicolaas. Het fotoalbum is nadien vele malen meeverhuisd met Nicolaas en zijn vrouw die in 2018 overleed. De Rotterdammer Jos Klaus nam daarop het fotoboek mee. Bij het lezen over de aangekondigde fototentoonstelling naar aanleiding van 75 jaar bevrijding dacht Jos Klaus meteen aan zijn collectie in gescande zwart-wit kiekjes uit het oude familiealbum. Wat deze bijdrage volgens hem zo aansprekend maakt is dat ze gaat over gewone mensen, die met beperkte hulpmiddelen hun plicht in oorlogstijd wilden vervullen.

Bron: Fotograaf onbekend / Priv├ęcollectie J. Klaus
Terug naar home
Thema: